‘Toen was opeens Christus bij mij, duidelijk zichtbaar, als een stralende gestalte van licht. Ik heb zelfs zijn hand vastgenomen. Deze ervaring duurde in tijd misschien een minuut of korter, maar was volkomen: ik ontving liefde en troost.’
Het maartnummer van Handelingen, tijdschrift voor praktische theologie en religiewetenschap, besteedt aandacht aan verschijningen van Christus in deze tijd.
Berthilde van der Zwaag deed er onderzoek naar en vanuit de godsdienstpsychologie reageren Jos Corveleyn en Jessie Dezutter daarop.
Daarnaast ook theoloog Ruard Ganzevoort.
Tenslotte gaat de auteur in haar slotbeschouwing hier weer op in.
(een uitgebreide versie daarvan vindt u hier)
In deze Veertigdagentijd kijkt Handelingen ook terug op het carnaval.
De van huis uit gereformeerde André Mulder had er niets mee, maar ziet nu heel wat diepte in een ogenschijnlijk zo plat feest. Door zich te verkleden komen mensen tot zichzelf, schrijft Mulder.
Filosoof Anton Simons heeft vervolgens bij Mulders interpretatie wel wat vragen.
Socioloog Gert de Jong beschrijft een kerkelijk opbouwproces in Amersfoort en laat zien dat er vaak spanning is tussen de kerk als organisatie, als beweging en als gemeenschap.
Tot slot een artikel dat stilstaat bij een relatief onbekend fenomeen: de voorganger die weg is en toch blijft.
Wat gebeurt er als een voorganger betrokken blijft bij de geloofsgemeenschap waarin hij of zij niet meer werkzaam is?
Zie voor info over dit nummer het overzicht
2012-2
2012-3
Thema: Social media
over de verhouding tussen kerk en social media
met vragen als
2012-4
Thema: Buiten de kerk het heil. Nieuwe liturgie in veranderende contexten
met o.a. artikelen over
Handelingen neemt regelmatig casussen met reflectie op. Een casus is de beschrijving van een praktijksituatie, uitmondend in eerste overwegingen (evaluatie) met een centrale vraag of een gericht handelingsvoorstel. Het onderwerp van de casus biedt ‘stof tot denken’ en nodigt uit tot eigen reflectie of experimenteren. De auteur van de casus is een van de actoren. Hij of zij schrijft vanuit de eigen rol en het eigen perspectief.
Een casusbeschrijving heeft een opbouw in drie delen:
- situatiebeschrijving (context, betrokken actoren)
- beschrijving van een gebeuren
- eerste overwegingen (motivatie, legitimatie, problematisering), vraagstelling of handelingsvoorstel
Bij de casus wordt door een tweede auteur een reflectie geschreven, in open dialoog met de casus-auteur. Deze auteur wordt door de redactie aangezocht.
Degene die een casus instuurt, krijgt van de redactiesecretaris bericht of de casus wordt aangenomen of bepaalde wijzigingen behoeft. Na goedkeuring wordt de casus binnen een termijn van twee jaar geplaatst. Wanneer dit niet mogelijk is, wordt met de auteur overlegd. Een ingediende casus mag in die periode niet elders worden gepubliceerd.
Slotbeschouwing van Berthilde van der Zwaag over Christusverschijningen
Niet alle verschijningen hoeven werkelijk religieuze ervaringen te zijn. Een aanwezigheid van...